Iedereen kent het verhaal van Het Achterhuis, maar bijna niemand weet wat er met het Voorhuis aan de hand was. Beide verhalen gaan over meerdere gezinnen Joodse onderduikers. In Het Achterhuis van Amsterdam liep het dramatisch slecht af. In het Voorhuis van Stadskanaal overleefden 13 Joodse onderduikers, 2 duikers voor de arbeitseinsatz en 1 gedeserteerde Duitse soldaat de oorlog.
De eerste onderduiker kwam al in augustus 1942 om onderduik vragen bij het gezin Drenth. Hij mocht in de opkamer (Voorhuis) van de kleine boerderij zich verbergen. Meer dan 20 vierkante meter was er voor de uiteindelijk 16 onderduikers niet. Én ze moesten stil zijn als er toevallig bezoekers langskwamen.

Dit verhaal inspireerde mij, omdat het wederom over dappere verzetsvrouwen ging. Moeder Hindertje Drenth was de baas in huis en besloot een Joodse inwoner niet in de steek te laten. Haar man had de veehandelaar al toegezegd dat hij kon komen. Een gelovige vrouw van Nederlands Hervormde huize, gehuwd met een rode socialist of misschen wel een communist, maar desondanks twee zielen, één gedachte. Op hun kussen was geen plaats voor een duivel ertussen.
Dochter Lammie ging in opdracht van haar moeder bij het kringhuis van de NSB werken als typiste. Zo kwam er geen enkele verdenking; ze waren toch Duitsgezind? Wat Lammy aan nieuws over razzia’s hoorde op kantoor, werd door haar met briefjes in het diepste geheim bij bedreigde gezinnen in de bus gedaan. Anoniem uiteraard, want anders zou haar NSB-imago geschaad worden. Overdag moffenmeid en in het duister verzetsvrouw. Zij heeft er na de oorlog nog erg veel last van gehad.
Lammie Drenth en Bennie Kosses werden verliefd en onvoorzichtig. Tijdens de onderduikperiode was het onverstandig dat hun baby naar joods gebruik de naam Rosa (naar zijn oma) zou krijgen. Dus werd de baby naar haar oma Hindertje genoemd en zo ook ingeschreven. Voor de stadkanalers opnieuw een bewijs dat het wel een moffenkind moest zijn. Zij werd nageroepen en figuurlijk en letterlijk besmeurd.

Hindertje werd Hennie genoemd. Na de oorlog kregen zowel het oudere echtpaar als het nieuwe echtpaar nog een zoontje. Respectievelijk Jan Drenth en Hartog Wiardus Kosses.
Op 10 maart 2025 werd ik gastvrij ontvangen door de eerde genoemde Hennie en haar man Karel Helwig. Haar verhaal is hier te bekijken in het volgende interview.

Van het verhaal is een theaterbewerking gemaakt door Peter Meijer. Op 2 mei om 20:00 uur en op 3 mei om 14:30 en 20:00 uur vinden de voorstellingen plaats in de Gouwekerk te Gouda. Voor toegangskaarten gelieve contact op te nemen via www.kleintheaterzwaan.nl/voorstellingen.
Zie hier de trailer van de voorstelling