Krakau is een schitterende stad met een wel erg zwart verleden. Een aantal kilometers hiervandaan liggen drie Auschwitz-kampen. Auschwitz-I, het Stammlager, Auschwitz-II beter bekend als Birkenau en Auschwitz-III ofwel Monowitz, een werkkamp. Het tweede kamp is het meest bekend als het vernietigingskamp waar ongeveer 60.000 Joodse Nederlanders werden vergast. In Sobibor en op andere plaatsen werden nog eens 42.000 Joodse Nederlanders vermoord. Van de 140.000 Joden van 1940 hebben er bar weinig de oorlog overleefd.

Zo ook bij de familie Buijtekant uit Amsterdam, vrienden van de ouders van Hans Kemper, die weer een goede vriend van ons is. Op de foto zien we het kersverse Joodse gezin van Nathan Buijtekant en Netje Buijtekant-Bosboom. Nathan was marktkoopman in de Dapperstraat, zijn vader was dat op het Waterlooplein. Al snel komt er een stamhouder:


Er volgt op29 november 1936 nog een dochtertje Hendrika die Dolly genoemd gaat worden.

Op 23 juli 2012, op de dag nauwkeurig 70 jaar na de aankomst van de familie Buijtenkant in Auschwitz staan Hans en Marja Kemper en Mieke en ik op het perron van Auschwitz-Birkenau. Zoals gezegd de ouders Buijtenkant waren goede Joodse vrienden van de ouders van Hans Kemper. Vlak voor ze vanuit Amsterdam naar Westerbork moesten vertrekken, sturen ze een brief, waarin hoop en vertwijfeling doorklinkt. De brief is vanuit Amsterdam verstuurd op 14 juli 1942.

Waarde vrienden, Wij hebben de verpletterende tijding gekregen a.s. Zaterdagnacht te vertrekken. Het is een enorm noodlot hetwelk ond getroffen heeft. Alleen een bovenmenselijke kracht kan mijn vrouw en kinderen in bedwang houden. Ik spreek ze moed in en vertel maar wat om ze af te leiden. Dolly heeft gelukkig geen besef van het gevaar. doch Sally weet er meer van tot mijn leedwezen. Ik had liever anders gewild doch het is eenmaal zoo. Gos zij onze ziel genadig. Het is vandaag hier zoo, dat wij ons niet meer op straat durven vertonen. Diverse ongure elementen hebben de Joden opgehitst niet te gaan, met de gevolgen van dien, dat juist hierdoor de Joden als slachtoffer vallen. Ik geef mij hier niet aan over. De gedachten aan het behoud van mijn gezin heeft een zekere berusting in mij opgewekt. Wij zullen alles dragen. Mogelijk valt het nog wel mee Niettegenstaand de zwaarste weg moet nog afgelegd worden. De dank welke wij U verschuldigd zijn voor het medeleven in de voor ons zware tijden is niet in woorden uit te drukken. Wij zullen U en uw lieve vrouw voor deze morele steun ons leven lang dankbaar blijven. Zodra wij op de plaats van bestemming aankomen berichten wij U direct. Dit kan echter een lange tijd duren aangezien wij eerst volgens bewering naar Westerbork in Holland gaan, om daar een geneeskundig onderzoek te worden onderworpen (inenten etc.). Daarna gaan wij naar de plaats van bestemming (Waar?) Volgens dat beweerd wordt aan de Joodsche Raad. blijft het gezinsverband (d.w.z. des nacht’s natuurlijk niet). De mannen land- of misschien mijnarbeid en de vrouwen naar de fabrieken. Met de kinderen, ja, dat weten wij natuurlijk niet. Als gunst mogen wij (misschien) 10 mark meenemen. Als plaats van bestemming is genoemd (Opper Sileziën?). Wij en zij raden er maar naar. Het Juiste is zoo duidter als de nacht. Wij gaan weg als de kamelen, gepakt en gezakt met 3 dagen mondvoorraad. Zelfs Dolly moet ook helpen dragen. Hoe zal het daar zijnmet onze kinderen? De voeding, de ligging, wat voor arbeid, wat gebeurd er bij eventuele ziekte van vrouw of kinderen, worden wij gescheiden en het belangrijkste is hoe worden wij behandeld? Dat zijn allemaal duistere vragen maar waard om gedacht te worden. Doch als men er zich in verdiept dan is het net of je een benauwde droom hebt. Mijn ouders zijn ineen uitverkocht, al de 5 jongens met kleinkinderen weg. Denk het maar eens in. Hopeloos. Op het moment zijn ze alle Joden oner de 40 jaar aan het oppikken. Enige slachtoffers zijn reeds gevallen. Het is fraai. Waarde vrienden ik eindig want het wordt mij te machtig. God zal U en Uw gezin zegenen in de lengte van dagen, Misschien zien we elkaar nog eens terug. Laten we zeggen tot kijk dus. Kus Paul voor ons, Hartelijke groeten. Familie Buijtekant.
Na aankomst in Westerbork sturen ze op 20 juli nog een postkaart met de mededeling dat ze snel naar Opper-Silezië (het blijkt Auschwitz te zijn) zullen worden gedeporteerd. Met leugenachtige beloftes houden de Duitsers de gevangenen rustig. Ze zorgen ervoor dat iedereen toch een beetje hoop heeft. Hoop en ronduit angst klinkt echter door in de tekst.

Beste vrienden, Na een vermoeiende reis zijn wij behouden aangekomen. Er is een behoorlijk opgewekte stemming bij de massa. Er zijn allerlei slag menschen, intellectuelen als arbeiders, doch alles is opgewekt en vol goeden moed. Zeer verklaarbaar want de huisgezinnen zijn nog pal in de omgeving. Als dat maar blijft, dan trotseren wij alles. De Hollandsche Joden zijn in het algemeen niet werkschuw. Beste vrienden een volgend keer meer. Denkelijk vertrekken wij weer morgennacht. En dan? Vertrouwen wij op God. Deze zal ons leiden. Onze beste wenschen. TOT KIJK.
Het was een laatste groet. Op 23 juli 1942 stonden vader en moeder Buijtekant, met zoontje Sally en dochtertje Dolly ook op dit perron. Niet erg lang overigens. Hun laatste wandeling vertrok van het punt bij de thans daar opgestelde veewagon. Alleen vader mag eerst nog rechtsaf het kamp in, moeder en de kinderen steken linksaf de spoorrails over en lopen vervolgens rechtsaf naar de verzameling gaskamers en crematoria. Een tochtje van enkele minuten. Het fabrieksmatig vernietigen van Joden is hier een proces geworden dat dag en nacht doorgaat.

Nathan Buijtekant wordt waarschijnlijk ingedeeld bij een Sonderkommando. Die moeten de lijken uit de gaskamers halen en naar het crematorium brengen. Na ongeveer 3 maanden wordt zo’n Sonderkommando ververst. Andere nieuwe gevangenen nemen daarna de taak over en dan mag ook Nathan de gaskamer in lopen.
De geluidsopnamen van het filmpje zijn door de harde wind deels verstoord en daarom heb ik na thuiskomst stukken tekst opnieuw opgelezen en in de film gemonteerd. Zie film
Epiloog: Op 23 juli 1942 wordt niet alleen Nathan en zijn gezin met de commando’s Schbell, Scnell, Schnell uit de de veewagon gejaagd, maar ook zijn broers Isaac en Jacob. Ook zij zijn gehuwd en hebben ieder twee kinderen. Echtgenotes en kinderen gaan richting gaskamer en de drie broers gaan voorlopig het kamp in en moeten net als Nathan dwangarbeid verrichten. Het vermoeden van ingedeeld worden in een Sonderkommando is erg groot. Op 30 september, het einde van een kwartaal wordt het Sonderkommando ververst. De drie broers worden vergast. Een van de gezegdes uit die tijd: Uit Birkenau vertrek je immers alleen via de schoorsteen.
De ouders van Nathan worden tien maanden, op 21 mei 1943, ook in Auschwitz vermoord. Een andere broer Simon Buijtekant wordt niet naar Auschwitz maar naar Sobibor gedeporteerd. Hij en zijn vrouw Cato worden daar op 3 juni 1943 vermoord. Tenslotte wordt de laatste broer Abraham ook naar Sobibor gedeporteerd om daar samen net zijn echtgenote Johanna Maria Buijtekant-Werkendam op 23 juli 1943 te worden omgebracht. Daarna is er niemand meer over. Drie generaties, ofwel 18 namen, Buijtekant zijn uitgewist.
De opa van Nathan jr. ofwel Nathan sr. kreeg 43 afstammelingen inclusief aangetrouwde echtelieden. Slechts twee van hen overleven de oorlog. De een is een baby, die mogelijk via de crèche tegenover de Hollandse Schouwburg elders is ondergebracht (de ouders zijn vermoord), de ander is een tante die met een niet-Jood is gehuwd of onderdook.

Twee dagen na het bezoek aan Auschwitz bezoeken we nog de fabriek van Schindler. Dat nu een museum is over die oorlogstijd en uiteraard over de fabriek. Meer zien? een stukje Schindler-film!

In die dagen erna hebben we natuurlijk ook Krakau bezocht, gedwaald in de Joodse wijk (getto), de synagoge, langs de rivier gelopen en een terrasje opgezocht. Het verschil tussen wat in de oorlog hier gebeurde en het bruisende karakter van in de huidige mooie stad aan de rivier de Wisla is groot. Het contrast kan bijna niet groter.
Terug naar Blog Archief WO2